De interactie met de luchtverkeersleiding (
ATC) hangt sterk af van de klasse van het luchtruim en of het gecontroleerd is. In gecontroleerd luchtruim kan
ATC vrijgaven en instructies geven die piloten geacht worden op te volgen. In ongecontroleerd luchtruim worden geen scheidingsdiensten door
ATC geleverd en scheiden piloten zich voornamelijk zelf door gebruik te maken van see-and-avoid, positierapporten en standaard verkeerspatroonprocedures.